Direct naar inhoud
Royal Lighting
← Blog
31 augustus 20265 min leestijd

Wat de Europese flikkernorm betekent voor je armatuurkeuze

Sinds 1 september 2021 gelden onder de Europese Verordening (EU) 2019/2020 strikte limieten voor flikkering en stroboscopische effecten bij netgevoede LED-lichtbronnen [6]. Als installateur of lichtontwerper dwingt deze wetgeving je tot een scherpe controle van de specificaties bij de inkoop van armaturen voor kantoorprojecten.

De flikkernormen onder Verordening (EU) 2019/2020

De Europese Commissie heeft met Verordening (EU) 2019/2020, die op 1 oktober 2019 is gepubliceerd en waarvan de geconsolideerde versie sinds 1 september 2021 van kracht is, de regels voor verlichting aangescherpt [6]. Deze verordening vervangt oudere regelgeving, waaronder de verordeningen (EG) nr. 244/2009, (EG) nr. 245/2009 en (EU) nr. 1194/2012 [6]. In de huidige verordening zijn vooraf bepaalde limietwaarden vastgesteld voor flikkering ($PstLM \le 1,0$) en het stroboscopische effect ($SVM = 0,4$) [4][6].

De impact van deze grenswaarden hangt sterk af van de opbouw van het verlichtingssysteem. Volgens technische documentatie van fabrikant Tridonic uit mei 2022 vertegenwoordigt de grenswaarde van $SVM = 0,4$ de waarnemingsgrens van het stroboscopische effect voor testpersonen onder laboratoriumcondities [4]. Tridonic specificeert in deze documentatie dat systemen die bestaan uit een gescheiden LED-driver en een LED-module wettelijk niet worden geraakt door de verplichtingen van Verordening (EU) 2019/2020 [4]. Wel stelt de fabrikant dat deze limietwaarden zich naar verwachting zullen vestigen als de algemene industriestandaard [4]. Voor netgevoede LED-lichtbronnen, zoals AC-modules, werd de regelgeving na een overgangsperiode die eindigde op 1 september 2021 direct verplicht [4][6].

Het verschil tussen de EU-regels en de Britse wetgeving

Bij projecten die de grens overgaan, is het belangrijk om de juridische verschillen scherp te hebben. Waar de EU de richtlijnen via Verordening (EU) 2019/2020 handhaaft, gelden in het Verenigd Koninkrijk de "Ecodesign for Energy-Related Products and Energy Information (Lighting Products) Regulations 2021" [1]. Deze Britse regels traden grotendeels in werking op 1 oktober 2021, met uitzondering van specifieke bepalingen in regel 12(2)(a) en (b), die op 1 maart 2022 van kracht werden [1].

De Britse wetgeving hanteert een specifieke definitie voor een lichtbron. Dit is een elektrisch werkend product met een kleurweergave-index (CRI) groter dan 0 en een lichtstroom tussen de 60 en 82.000 lumen [1]. Deze definitie sluit LED-dies, LED-chips, LED-packages en producten waarvan de lichtbron kan worden verwijderd voor verificatie expliciet uit [1]. Hoewel de Britse en Europese regels in de praktijk vaak op hetzelfde neerkomen, moeten installateurs en lichtstudio's die internationaal opereren deze definities nauwkeurig scheiden om fouten in het bestek te voorkomen.

Werkplekverlichting volgens de norm NEN-EN 12464-1

Binnen de Nederlandse utiliteitsbouw en kantooromgevingen is de norm NEN-EN 12464-1 ("Licht en verlichting - Werkplekverlichting - Deel 1: Werkplekken binnen") de leidraad voor elk lichtontwerp [5]. De oorspronkelijke versie van deze norm stamt uit 2003 en was de Europese opvolger van de oude Nederlandse norm NEN 1890 [5]. Na een tweede versie in 2011 is in 2021 de derde editie van deze norm verschenen [3][5]. Dit document van 117 pagina's stelt strenge eisen aan de visuele omgeving op de werkplek [5].

De herziening uit 2021 houdt expliciet rekening met de technische ontwikkeling van leds, die inmiddels de belangrijkste lichtbron in projecten zijn geworden [3]. Voor een lichtstudio betekent dit dat het simpelweg ophangen van een armatuur niet volstaat. De lichtsterkte, verblinding (UGR) en kleurweergave moeten exact aansluiten bij de specifieke werkzaamheden in de ruimte. Bij het voorschrijven van LED-panelen voor een kantooromgeving moet je er dus voor zorgen dat de combinatie van driver en paneel voldoet aan de eisen voor flikkering en verblinding om vermoeidheidsklachten bij medewerkers te voorkomen.

De komst van het Digital Product Passport

Naast de directe producteisen rondom flikkering, bereidt de Europese Unie een ingrijpende administratieve verandering voor. Op 20 juli 2026 heeft de Europese Commissie het Digital Product Passport (DPP) Register en een bijbehorende testomgeving gelanceerd onder de Ecodesign for Sustainable Products Regulation (ESPR) (EU) 2024/1781 [2]. Dit register is ontworpen om producten te ondersteunen die onder de ESPR vallen, waaronder energiegerelateerde producten zoals verlichting [2].

De introductie van dit digitale paspoort verloopt in fasen. De allereerste implementatiedeadline voor het DPP-systeem is vastgesteld op 18 februari 2027, maar deze geldt specifiek voor bepaalde typen grote batterijen [2]. Voor de verlichtingssector is er in 2026 nog geen verplichte deadline voor registratie, maar de technische basis staat al wel. Het systeem steunt op acht geharmoniseerde normen die de interoperabiliteit regelen, zoals unieke identificatoren, gegevensdragers, API's en protocollen voor gegevensopslag [2]. Zes van deze acht normen zijn ontwikkeld in samenwerking met CEN-CENELEC en waren op 20 juli 2026 al gepubliceerd door nationale normalisatie-instellingen [2]. Dit betekent dat fabrikanten en importeurs de komende jaren hun productdata op deze standaard moeten inrichten.

Keuzes maken voor je projecten

Voor de dagelijkse praktijk van de installateur en de lichtstudio is de kwaliteit van de componenten doorslaggevend. Bij het ontwerpen van een lichtplan voor de retail of horeca kies je vaak voor flexibele systemen zoals 3-fase trackrailsystemen in combinatie met richtbare trackspots. Om te garanderen dat deze spots geen hinderlijke flikkering veroorzaken op de winkelvloer, is de keuze voor een hoogwaardige driver essentieel. Hoewel systemen met een gescheiden driver en module volgens de documentatie van Tridonic niet direct onder de wettelijke verplichting van de flikkernorm vallen, bepalen ze wel de kwaliteitsstandaard die opdrachtgevers verwachten [4].

Hetzelfde geldt voor grotere utiliteitsprojecten waar high bays / floodlights of complete lichtlijnsystemen worden geïnstalleerd. In industriële hallen met snel roterende machines kan een stroboscopisch effect zelfs gevaarlijke situaties opleveren. Door armaturen te selecteren die ruim onder de $SVM = 0,4$ grens blijven, voorkom je visuele desoriëntatie en voldoe je aan de zorgplicht voor een veilige werkomgeving. Ook bij het ontwerpen van de noodverlichting binnen een project is de betrouwbaarheid van de elektronica leidend voor de veiligheid tijdens spanningsuitval.

Zorg er bij het opstellen van je volgende offerte voor dat de technische specificaties van de drivers en LED-modules expliciet vermeld staan. Dit geeft de opdrachtgever de zekerheid dat het project niet alleen voldoet aan de huidige NEN-EN 12464-1 normering, maar ook is voorbereid op de strengere eisen die de markt de komende jaren stelt [3][5].

Bronnen

Volgende stap

Ben je installateur? Vraag een zakelijk account aan voor nettoprijzen en snelle levering. Zakelijk account aanvragen

Heb je een concreet project? Vraag direct een offerte aan. Offerte aanvragen

Werk je als lichtstudio of architect aan een lichtplan? Vraag technisch lichtadvies aan. Technisch lichtadvies aanvragen


Samenvatting

Sinds september 2021 gelden er strenge Europese limieten voor flikkering en stroboscopische effecten bij LED-verlichting. Lees hoe deze eisen en de NEN-EN 12464-1 norm direct van invloed zijn op je armatuurkeuze en projectontwerpen.

Veelgestelde vragen

Wat zijn de exacte limietwaarden voor flikkering en stroboscopische effecten onder Verordening (EU) 2019/2020?

Onder de Europese Verordening (EU) 2019/2020 gelden voor netgevoede LED-lichtbronnen limietwaarden van maximaal 1,0 voor flikkering (PstLM) en maximaal 0,4 voor het stroboscopische effect (SVM).

Geldt de Europese flikkernorm uit Verordening (EU) 2019/2020 voor systemen met een gescheiden LED-driver en LED-module?

Volgens technische documentatie van fabrikant Tridonic uit mei 2022 worden systemen die bestaan uit een gescheiden LED-driver en een LED-module wettelijk niet geraakt door de verplichtingen van Verordening (EU) 2019/2020.

Wanneer is de derde editie van de norm NEN-EN 12464-1 voor werkplekverlichting verschenen?

De derde editie van de norm NEN-EN 12464-1 is verschenen in 2021 en telt in totaal 117 pagina's met eisen voor de visuele omgeving op de werkplek.

Wanneer is het Digital Product Passport Register gelanceerd en wat is de eerste deadline?

De Europese Commissie heeft het Digital Product Passport Register gelanceerd op 20 juli 2026 onder Verordening (EU) 2024/1781, waarbij de allereerste implementatiedeadline voor specifieke grote batterijen is vastgesteld op 18 februari 2027.

Vragen over dit onderwerp? Wij denken graag mee over uw project.